Woensdag 22 november is het zover: dan mogen we stemmen. Twijfel je nog? Dit zijn de standpunten over één van de grootste thema’s deze verkiezingen: de woningmarkt.
Het RTL nieuwspanel onderzocht welk thema Nederlanders het belangrijkst vinden deze verkiezingen. Met afstand op één staan de problemen op de huizenmarkt: 59 procent van de panelleden heeft dit thema als één van de hoofdthema’s aangevinkt, bij jonge mensen gaat het zelfs om 70 procent.
Overeenkomsten op grote lijnen
Alle partijen zijn het erover eens dat er oplossingen moeten komen voor de krapte op de woningmarkt. De overeenkomsten:
- Veel partijen erkennen het woningtekort en pleiten voor de bouw van nieuwe woningen, vaak in de orde van honderdduizenden tot een miljoen nieuwe woningen;
- Er is algemene steun voor diversificatie van het woningaanbod, waarbij het belang van zowel sociale huurwoningen als betaalbare koopwoningen wordt benadrukt;
- Partijen willen starters ondersteunen door het creëren van betaalbare koopwoningen en het verminderen van barrières voor het betreden van de woningmarkt.
- Verduurzaming is een belangrijk thema, waarbij partijen maatregelen voorstellen zoals isolatie, zonnepanelen, energiebesparing en het afbouwen van aardgasgebruik.
Wie krijgt de regie?
De VVD wil het aan de markt overlaten: bouwers en projectontwikkelaars.
Op links willen partijen juist dat de overheid de regie neemt. De SP wil er zelfs een nieuw ministerie voor in het leven roepen. En GroenLinks/PvdA wil onder meer een speciaal woningbouwfonds. D66 wil ook een fonds, onder meer bedoeld om bestaande huizen op te toppen, om of uit te bouwen of te splitsen.
De BBB zoekt het in het versoepelen van regels voor vergunningen, waaronder het buitenspel zetten van stikstofregels met een beroep op ‘groot openbaar belang’. Het versimpelen van ‘belemmerende regels’ is ook voor de PVV een oplossing. De twee partijen willen daarnaast Nederlanders voorrang geven bij het toewijzen van sociale huurwoningen.
Hoe hard mogen de huren nog stijgen?
Een ander groot probleem in het woondossier zijn de torenhoge huren. Vandaar dat alle partijen met plannen komen om deze te verlagen of op z’n minst te maximeren. De SP en de PVV willen dat de huren omlaag gaan in de komende jaren. De PVV stelt een verhoging van de huurtoeslag voor. De NSC wil de huurprijsbescherming versterken en uitbreiding van gereguleerde huur.
De huren verlagen gaat de meeste andere partijen te ver. Er mag best een maximum gesteld worden aan hoe hard ze nog mogen stijgen. De VVD wil de stijging van de huren afremmen, net als D66 en GroenLinks/PvdA.
De partijen zijn het vervolgens weer oneens of zo’n maximumhuur voor een deel van de vrije sector zou moeten gelden, of voor alle huurwoningen. GroenLinks/PvdA is hier voorstander van, maar D66, CDA en VVD zien hier geen heil in.
Hypotheekrenteaftrek
Het is opmerkelijk dat veel politieke partijen blijven vasthouden aan de hypotheekrenteaftrek. Diverse onderzoeken (door SEO en Panteia) wijzen immers keer op keer uit dat de eigenwoningregeling ‘niet controleerbaar, niet uitvoerbaar en evenmin handhaafbaar is’. De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs (NOB) noemde de regeling nog niet zo lang geleden ‘volstrekt onuitvoerbaar, zowel voor belastingplichtigen als de Belastingdienst’. Bovendien werkt de eigenwoningregeling verstorend voor de woningmarkt (met als resultaat een te kleine vrije huursector en mogelijk hogere hypotheekschulden), iets waar onder meer Klaas Knot (DNB) regelmatig op wijst.
Bronnen:
In de notariële wereld kun je veel begrippen tegenkomen die je misschien niet meteen iets zeggen. Daarom legt onze notaris graag uit wat de begrippen inhouden die je kunt tegenkomen in jouw akte. Deze keer: erfdienstbaarheid.
Wat is erfdienstbaarheid?
Het begrip ‘erfdienstbaarheid’ kom je tegen in het onroerend goed. Het verwijst naar het recht dat een persoon heeft om gebruik te maken van het land of de eigendom van een ander voor een specifiek doel. Erfdienstbaarheden zijn vaak gevestigd via een notariële akte. Het is een last waarmee jouw perceel (het ‘dienend erf’) is bezwaard, ten behoeve van een ander perceel (het ‘heersend erf’).
Een voorbeeld
Een van de meest bekende voorbeelden is de eigenaar van een woning die zijn buurman het recht geeft een pad in zijn tuin te gebruiken om bij de openbare weg te komen.
Verschillende soorten erfdienstbaarheid
Er zijn verschillende soorten erfdienstbaarheid, de bekendste zijn het recht van overpad en van licht en uitzicht.
Erfdienstbaarheden van doorgang: dit geeft iemand het recht om over het land van een ander te gaan om toegang te krijgen tot zijn eigendom. Dit noem je ook wel recht van overpad. Dit kan bijvoorbeeld van toepassing zijn op een oprit of een pad dat over het land van de buurman loopt.
Erfdienstbaarheden van licht en uitzicht: dit geeft iemand het recht om licht en lucht te ontvangen van het land van een ander. Het kan voorkomen dat de buurman bomen plant die het zonlicht blokkeren of een gebouw bouwt dat het uitzicht belemmert.
De rol van de notaris bij erfdienstbaarheid
Erfdienstbaarheden zijn meestal vastgelegd in een notariële akte en worden opgenomen in het kadaster, zodat alle partijen op de hoogte zijn van de rechten en verplichtingen die ermee gepaard gaan.
Wat als ik iets wil veranderen aan de erfdienstbaarheid?
Onder sommige omstandigheden mag je aanpassingen doen aan de erfdienstbaarheid. Denk bijvoorbeeld aan een situatie waarbij je een pad wil verplaatsen. Je kunt dan een ander gedeelte van jouw perceel aanwijzen waarop de erfdienstbaarheid voortaan moet gelden. Moeten er kosten worden gemaakt, dan betaal je die zelf.
Het is ook mogelijk, als jij en de eigenaar van het heersend erf het eens zijn, afstand te doen van de erfdienstbaarheid. Hierbij is het wel nodig dat de notaris een notariële akte opstelt, die jullie beiden ondertekenen. De notaris schrijft de akte vervolgens in, in de openbare registers.
Wil je meer weten?
Erfdienstbaarheid kan best ingewikkeld zijn, zeker als je er niet uitkomt met je buren. Informeer vrijblijvend bij onze notaris welke mogelijkheden er zijn in jouw situatie.
Als je een nieuwe woning gaat kopen, kunnen er termen voorbijkomen die je niet dagelijks hoort. Zo kun je bijvoorbeeld verschillende clausules tegenkomen in de koopovereenkomst, zoals de ‘ouderdomsclausule’ of de ‘asbestclausule’.
Het is belangrijk dat je precies weet waarvoor je tekent. Onze notaris helpt je daar natuurlijk graag bij, maar we zetten ze ook voor je op een rijtje. Dit zijn de verschillende clausules die je kunt tegenkomen in de koopakte.
Aansprakelijkheid
Bij de verkoop van een huis verklaart de verkoper in een koopakte dat de woning geschikt is voor normaal gebruik. Ontdek je na de koop een gebrek waardoor dit niet het geval is, en was dit gebrek voor de koop al aanwezig? Dan kan de verkoper aansprakelijk zijn.
Bij de verkoop van een ouder huis kan de verkoper bepalingen in het koopcontract opnemen om in bepaalde gevallen onder die aansprakelijkheid uit te komen. Zo’n bepaling heet een clausule. Deze clausules staat niet standaard in de model koopovereenkomst. Ze kunnen aan de koopovereenkomst worden toegevoegd op verzoek van de verkoper en in overleg met de koper.
Ouderdomsclausule
Een ouderdomsclausule wijst erop dat je een oude woning koopt, die niet dezelfde bouwkwaliteit heeft als een nieuwe woning. Het geeft aan dat de koper bekend is met het feit dat oudere woningen vaak gebreken hebben die niet altijd zichtbaar zijn. De aansprakelijkheid van de verkoper wordt door de opname van een ouderdomsclausule beperkt, mochten er zich na de verkoop (verborgen) gebreken voordoen. Het gaat hierbij om gebreken waarvan de verkoper niet op de hoogte was ten tijde van de verkoop.
Asbestclausule
Koop je een huis dat voor 1980 is gebouwd? Dan krijg je misschien te maken met asbest. Zo lang er geen vezels vrijkomen is het niet schadelijk, maar bij een verbouwing kan dat wel gebeuren. Het is dan noodzakelijk asbest te laten saneren en dat kan veel geld kosten.
Verkopers van een ouder huis willen geen risico lopen om aansprakelijk te worden gesteld voor deze asbestsanering. Zij kunnen daarvoor een asbestclausule in het koopcontract opnemen. In deze clausule staat bijvoorbeeld dat de verkoper niet weet of er asbesthoudende materialen in het huis zijn. Bij het kopen van een woning met deze clausule, verklaar je dat je weet dat er asbest in de woning aanwezig kan zijn en dat je de verkoper niet aansprakelijkheid stelt voor de gevolgen daarvan. Als de verkoper wel weet dat er asbest in de woning verwerkt is, dan moet hij dat melden.
Niet-zelfbewoningsclausule
Het kan ook voorkomen dat de verkoper nooit zelf in de woning heeft gewoond. Bijvoorbeeld als een woningcorporatie of belegger een voormalige huurwoning verkoopt. De verkoper weet daardoor niets van eventuele gebreken. Ook met deze clausule beperkt de verkoper zijn aansprakelijkheid.
As is where is clausule
De clausule ‘as is, where is’ wordt gebruikt in koopovereenkomsten van woningen om zo min mogelijk garanties te geven aan een koper. In deze clausule staat dat de koper de woning koopt in de staat waarin deze zich bevindt op het moment van overdracht. Met andere woorden, de verkoper geeft geen garanties met betrekking tot de onroerende zaak. De koper aanvaardt de onroerende zaak “zoals deze is” en neemt alle risico’s met betrekking tot eventuele gebreken of tekortkomingen op zich. Deze clausule is bijvoorbeeld te vinden bij woningen die grondig gerenoveerd moeten worden.
De term ‘volmacht’ komt regelmatig voor in het notariaat. Maar wat is het precies en in welke situaties heb je het nodig? We leggen het je graag uit.
1. Wat is een volmacht?
Een volmacht is een notariële akte waarin jij, de volmachtgever, een ander of anderen de bevoegdheid geeft om namens jou rechtshandelingen te verrichten. De gevolmachtigde(n) mag/mogen jou vertegenwoordigen bij financiële en formele zaken. Denk hierbij aan beheren van de bankzaken en verkopen van de koopwoning.
2. Wat is het verschil tussen een levenstestament en een volmacht?
De volmacht is beperkt van aard en geeft alleen aan wie namens jou uw financiële zaken mag regelen. Deze volmacht kan permanent maar ook tijdelijk zijn, bijvoorbeeld wanneer je op vakantie bent en de overdracht van je woning bij de notaris tijdens je vakantie moet plaatsvinden.
Het levenstestament is een combinatie van meerdere volmachten: financieel én medisch. Naast jouw financiële zaken beschrijf je in je levenstestament ook persoonlijke en medische zaken en wensen. Ook wilsverklaringen kunnen hierin opgenomen worden. Het levenstestament is dus uitgebreider dan een volmacht.
3. Wat is een onderhandse volmacht?
Een onderhandse volmacht is een volmacht die mondeling of schriftelijk wordt verleend door een persoon (de volmachtgever) aan een andere persoon (de gevolmachtigde) zonder dat er een notariële akte aan te pas komt. Met deze volmacht geeft de volmachtgever de gevolmachtigde toestemming om namens hem of haar bepaalde handelingen of beslissingen te nemen.
4. Wanneer is een onderhandse volmacht niet genoeg?
Enkele veelvoorkomende situaties waarin een notariële volmacht nodig kan zijn en een onderhandse volmacht dus niet genoeg is of niet de voorkeur heeft:
- Testament en erfeniskwesties: het opstellen van een testament, het regelen van nalatenschappen of het benoemen van een executeur met uitgebreide bevoegdheden kan doorgaans het beste worden gedaan met een notariële volmacht.
- Zakelijke transacties: voor zakelijke transacties, zoals het vertegenwoordigen van een bedrijf of het beheren van zakelijke activiteiten in naam van de eigenaar, kan een notariële volmacht worden vereist.
- Medische beslissingen: in sommige rechtsgebieden kan het nodig zijn om een notariële volmacht te hebben om iemand anders toestemming te geven om medische beslissingen namens jou te nemen als je niet in staat bent om dit zelf te doen.
Overleg altijd met onze notaris als je twijfelt hoe het in jouw situatie is.
5. Wat zijn de risico’s bij een onderhandse volmacht?
Misbruik van bevoegdheden: als de volmachtgever de gevolmachtigde onbeperkte of vage bevoegdheden geeft, kan dit leiden tot misbruik van die bevoegdheden. De gevolmachtigde kan handelen in strijd met de belangen van de volmachtgever en ongewenste transacties of beslissingen nemen.
De aangescherpte leennormen op hypotheken maken een huis kopen lastiger. Doordat starters minder kunnen lenen, kunnen beleggers makkelijker huizen kopen. Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Planbureau (CPB).
Wel een hoge huur, geen woning kunnen kopen
Er is momenteel veel discussie in de samenleving over mensen die wel een hoge huur kunnen betalen, maar geen huis kunnen kopen. Voor het eerst heeft het CPB deze problematiek onderzocht en in cijfers uitgedrukt.
Het CPB keek naar de gevolgen van de aanscherping van de leennormen in de periode 2013-2019. In die periode nam het aantal vrije sector huurwoningen, ten opzichte van het aantal koopwoningen, met 70 procent toe. Een vijfde van deze toename ontstond doordat huishoudens minder mochten lenen voor hun hypotheek. Deze woningen werden daardoor opgekocht door investeerders. Vooral in de grotere steden leidde dat tot een verschuiving van koop naar huur voor huishoudens die voorheen nog een huis konden kopen.
Versoepeling normen voor verkrijgen hypotheek geen oplossing
De onderzoekers van het CPB signaleren dat door leennormen een kwart van de huurders in de vrije sector niet genoeg verdient om een huis te kopen dat vergelijkbaar is met de huidige huurwoning. Voor huurders in de vrije sector met een modaal inkomen is dit meer dan de helft, aldus het CPB.
Een versoepeling van de leennormen, zodat het makkelijker wordt om een hypotheek te krijgen, is volgens de onderzoekers van het CPB geen oplossing. Dit zorgt weliswaar voor een stijging van de doorstroom van de huur- naar koopmarkt. Tegelijkertijd zouden ook de huizenprijzen echter stijgen. “Koopstarters zijn daardoor niet per se beter af”, concludeert het bureau.
Volgens economen van De Nederlandsche Bank (DNB) is er bij 1,8 miljoen huishoudens sprake van een mismatch op de woningmarkt. Dat is een vijfde van het totaal aantal huishoudens. Veel mensen met een huurhuis zouden liever kopen en tegelijkertijd zijn er huizenbezitters die juist graag willen huren.
Liever kopen of liever huren
DNB heeft het onderzoek onder ruim 2000 Nederlanders uitgevoerd. Hieruit kwam naar voren dat driekwart een koophuis financieel aantrekker vindt dan een huurhuis. Van de sociale huurders zou 31 procent liever kopen, en van de huurders in de vrije sector is dit maar liefst 49 procent. Huren in de vrije sector is namelijk relatief duur, geven de economen aan.
Maar: er is ook een grote behoefte aan huurwoningen. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat 14 procent van de huiseigenaren liever zou huren. Dat gaat dan vaak over oudere woningbezitters, terwijl jonge huurders liever willen kopen.
Mismatch wegwerken
Volgens DNB is het voor de economie belangrijk om deze mismatch weg te werken. ”Voor huishoudens is het prettig als ze kunnen wonen zoals ze graag willen. Dat leidt tot meer welzijn en daarmee tot welvaartswinst.”
De onderzoekers benoemen dat er meer huizen moeten worden gebouwd om het woningaanbod te vergroten. Daarnaast adviseert de centrale bank de fiscale voordelen voor kopen af te bouwen. Daarmee bedoelt DNB bijvoorbeeld de hypotheekrenteaftrek.
Als koop- en huurwoningen fiscaal gelijker behandeld zouden worden, zou het voor ouderen ook aantrekkelijker worden om te gaan huren. Dan komen er ook weer meer koopwoningen beschikbaar voor de jonge huurders die nu graag zouden kopen.
